Cascade en Fontein

Jongleren geleerd op mijn zevenenveertigste, boven het logeerbed in Darmstadt: van drie ballen naar vijf, met elke vangst geturfd.

Vier ballen, twee handen, elk voor zich

15 november 2025 · 3 min lezen

Met een even aantal ballen werkt de cascade niet, omdat de ballen in een cascade steeds van hand wisselen en er bij vier ballen twee tegelijk in dezelfde hand zouden landen. Het standaardpatroon voor vier heet de fontein: elke hand gooit twee ballen in een eigen kringetje, en de ballen gaan nooit naar de andere hand. Eigenlijk jongleer je twee keer twee ballen met één hand, naast elkaar.

Dus begint het met twee ballen in één hand. Gooien, de tweede gooien als de eerste bovenaan is, de eerste vangen, weer gooien. Met rechts lukte me dat na een week tien keer achter elkaar en na drie weken twintig keer. Met links duurde het drie keer zo lang, en mijn linkerhand gooit nog steeds een fractie lager, zodat het kringetje links kleiner is dan rechts.

Daarna moeten de twee handen samen. Dat kan synchroon, beide handen tegelijk, of om en om, en om en om is wat de meeste mensen bedoelen met de fontein. In het begin voelt het alsof je hoofd zich in tweeën moet splitsen. Ik heb het geoefend door eerst om en om alleen te gooien zonder te vangen, met vier ballen die op het bed vielen, tot het ritme vanzelf ging. Rechts, links, rechts, links, als een klok.

Mijn beste reeksen met vier ballen, per week:

Het grootste probleem was niet de techniek maar de hoogte. Vier ballen moeten hoger dan drie, ongeveer een halve meter boven je hoofd, en daar hangt precies het plafond van de logeerkamer. De laatste weken heb ik in de woonkamer geoefend, waar het plafond een meter hoger is, met toestemming van de rest van het gezin, zolang er geen glazen op tafel staan.